woensdag 7 november 2007

Can Tho

6 november

Het geloof van de Cao Dai ontstond in 1926. Ngo Minh Chieu, een Vietnamese ambtenaar van het koloniale bestuur, kwam tijdens een seance in contact met Cao Dai, het hoogste Opperwezen. Die spoorde hem aan het beste uit de religies van Oost en West met elkaar te combineren. Zo zou een nieuwe, ideale godsdienst ontstaan. Het caodaïsme is een unieke samensmelting van boeddhisme, taoïsme, confucianisme, christendom, islam, spiritisme en voorouderverering. Zo'n 2 miljoen volgelingen wonen voornamelijk in de Mekongdelta en in de provincie Tay Ninh. In deze provincie bevindt zich ook het hoofdkwartier van de beweging: het tempelcomplex dat vandaag op het programma staat. De Grote Tempel is een van de meest bizarre gebedshuizen ter wereld. De architectuur houdt het midden tussen een Europese kerk, een Chinese tempel, een Vietnamese pagode en een moskee. Het geheel doet onwerkelijk aan en lijkt op een religieus sprookjesland.
Op de valreep halen we de mis van 12 uur. Terwijl we buiten onze schoenen uittrekken, zien we de in het rood, blauw en geel geklede priesters naar binnen lopen. Iedere kleur vertegenwoordigt een religie. Het interieur van de tempel is zo mogelijk nog bonter dan de buitenkant: roze pilaren, groene draken en een blauw plafond met wolken en sterren. De enorme stroom toeristen wordt naar boven gedirigeerd. Hier zitten ook de muzikanten die op vreemde instrumenten eigenaardige muziek spelen. Vanaf het balkon kunnen we foto's maken van het bonte tafereel.

Voor ons plezier (en natuurlijk voor de commissie) maken we een korte stop bij een werkplaats voor lakwerk. Hier worden allerlei souvenirs met de hand gemaakt door lichamelijk gehandicapten. Als basis gebruiken ze een schaal, doos of vaas die een laklaag krijgt. Vervolgens worden gebroken eierschalen in een bepaald patroon in de lak gedrukt. Het geheel wordt afgewerkt met een vernislaag.

Laatste attractie voor vandaag is Cu Chi, een gigantisch ondergronds tunnelcomplex dat tijdens de Vietnamoorlog diende als schuilplaats voor de Viet Cong. De eerste tunnels werden hier aan het eind van de jaren veertig door de Viet Minh gegraven en in de strijd tegen de Fransen gebruikt. De Viet Cong breidde het tunnelstelsel uit tot een netwerk van 250 km! Van de tunnels is maar een klein deel bewaard gebleven. Voor het publiek is slechts 50 meter toegankelijk. Via een stijle trap wagen we ons in de vochtige, benauwde gang van 1,20 meter hoog en 60 cm breed. Enkele mensen haken af voor ze goed en wel beneden zijn. De rest zet door en komt even later via een andere trap weer boven de grond, zwetend en modderig.

Op de terugweg raken we met de bus verstrikt in een typisch Vietnamese verkeerschaos op een druk kruispunt. De stoplichten negerend proberen auto's en brommers vanuit alle richtingen tegelijk de overkant te bereiken, met als gevolg dat het verkeer binnen de kortste keren muurvast staat. Agenten proberen wanhopig orde in de chaos te scheppen; voorlopig zonder resultaat. Pas na een minuut of tien komt er weer beweging in het geheel. En dan moeten we nog door de avondspits van Saigon...


7 november

Gisterenmorgen hebben we onze was bij de receptie van het hotel achtergelaten. 's Avonds zouden we die weer op kunnen halen... Was? Welke was? O, deze! Ja, maar die is nog niet gewassen. Hoe laat vertrekken jullie morgen? Om kwart voor acht. Ok, dan is de was om zeven uur klaar. Zeker weten? Zeker weten!

Vandaag zeven uur. Was? Welke was? Nee, die zak is het niet en die andere ook niet. Ok, wacht vijf minuten! Het wordt een kwartier maar dan kunnen we eindelijk inpakken. Nu nog "even" uitchecken. Met z'n drieën kunnen ze de kamer niet vinden in het boek. Geen wonder, er zit geen enkel systeem in de kamerregistratie. Hoe lang zijn we gebleven? Drie nachten. Oei, da's ingewikkeld. En dan nog vier grote en vier kleine flessen water. Wanhopig roepen ze het meisje van het reisbureau erbij. Na enig gegoochel komen ze op hetzelfde bedrag uit als wij een kwartier eerder.

De bus voor de 3-daagse tour die we geboekt hebben, staat al te wachten. Vlak voor vertrek komt de receptioniste de bus binnen. We hebben voor drie nachten betaald maar zijn vijf nachten gebleven. Hoezo slechte administratie? Half overtuigd druipt ze even later af. Vrijdag zijn we terug voor nog een nacht en dan zullen we het nog een keer uitleggen.

De bus naar de Mekongdelta is volgeboekt: ongeveer 30 toeristen. De gids is een jongen met een meisjesnaam. Toen zijn moeder in verwachting was, rekende zijn vader op een dochter en noemde het kind Hin (snoepje). Dat het een jongen werd, veranderde niets voor de vader.
Om half tien stoppen we bij een restaurantje waar de buscrew een "ontbijt" nuttigt: noodle soep.
De reis gaat verder langs rijstvelden waarin her en der graftombes staan alsof er een handvol legoblokken is uitgestrooid. Deze rijst zal vast een bijzonder aroma hebben. In de weilanden staan bruine, knokige koeien met een lubberende keelflap. Af en toe landt er een ibis op een koeierug, die daar lekkere hapjes zoekt.

Bij de Mekongrivier aangekomen, gaan we aan boord van twee platbodems. Via een labyrint aan kreekjes door de jungle bereiken we het eiland Ho Chau. Een kronkelpad leidt naar een "cocossnoepfabriekje". Eerst wordt het sap aan het vruchtvlees onttrokken. Dit wordt met veel suiker gemengd en verwarmd. Het stroperige goedje wordt als een pannenkoek op een plaat gelegd om af te koelen. Dan worden er stroken van gesneden die men in de richels van een soort golfplaat drukt. Deze mal zorgt voor de juiste afmetingen. De uiteindelijke staven worden in stukjes gesneden en apart in een wikkel gevouwen. Uiteraard mogen we proeven: de smaak lijkt nog het meest op toffee. Kauwend op het junglesnoep vervolgen we de tocht. Even verderop krijgen we een loodzware wurgslang op de schouders gelegd. Kijken naar het vogeltje, cheese...

Op een ander eiland worden bijen gehouden dus we krijgen honing voorgeschoteld, aangekleed met gedroogde vruchten zoals ananas, gember en banaan. Op het volgende "terras" krijgen we vers fruit terwijl de eilandbewoners een folklore muziekoptreden verzorgen.
Weer een boottochtje door de kreekjes. Deze keer stappen we per vier in een combinatie van een kano en een gondel. Zowel voor- als achterop zit een peddelaar, de vrouwen met een traditionele kon op het hoofd. Het krioelt van deze watertaxi's; lichte aanvaringen komen dan ook geregeld voor. Om de rivier over te steken, maken we gebruik van hogere boten zodat we geen last hebben van de golfslag. De laatste etappe voor vandaag is een 3 uur durende bustocht naar Can Tho.

1 Comments:

Anonymous Anoniem said...

Beste Beatrijs & Teun,

Hallo, hier is René weer!!

Wat een schitterend verslag zeg, ik heb adembenemend zitten lezen.
Maar ik heb ook wel gezien dat je (net als toen jullie vorig jaar ook in Ecuador hebben meegemaakt) wel op je hoede moet zijn met het verantwoorden van hoeveel nachten je hebt overnacht!!

Wat een chaos is dat verkeer daar ook zeg, ongeloofelijk!!
Ik ben ook door jullie verslagen een stuk wijzer geworden door al die opsommingen van de culturele schatten van het Aziatische land!!!

In Dordrecht gaat ook alles goed hoor!! We krijgen aan het einde van de maand (waarschijnlijk) een superstorm te voorduren. Sommingen spreken dit tegen, de anderen zijn hier heilig van overtuigt! Waaronder een vooraanstaand weerexpert die in Groot-Brittanië woont, die beweert zelfs dat een windkracht van meer dan 12 of meer niet is uit te sluiten!!
We moeten er niet aan denken!!

Maar ik hoop dat jullie verder nog meer van deze prachtig in elkaar zittende verhalen gaan mailen en tot die tijd geniet van jullie supervakantie!!!!!!!!

Tot het volgende verslag!!!

Groeten uit een winderig Dordrecht
(René).

woensdag, 07 november, 2007  

Een reactie posten

<< Home